logo_kabinetsformatie 2010

Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home Actueel Pers- en nieuwsberichten

Lubbers: Praten met alle fractieleiders

Nieuwsbericht | 22-07-2010

'De democratie vraagt om nu grondig te spreken met de fractievoorzitters van alle partijen.' Dit zei informateur Lubbers in een toelichting op zijn informatieopdracht.

 Minister van Staat en oud-minister-president Lubbers aanvaardde woensdagavond 21 juli 2010 de informatieopdracht van koningin Beatrix.

Hij zal met alle fractievoorzitters gesprekken voeren over de ontstane politieke situatie en de te zetten vervolgstappen.

Lubbers wil met de fractievoorzitters van alle partijen 'stevig in gesprek'. Volgens hem is de afgelopen tijd soms een beeld ontstaan dat 'sommige fractievoorzitters toch belangrijker zijn dan andere fractievoorzitters'. 'Dat geldt niet voor mij', aldus Lubbers.

Verder gaf Lubbers aan dat het 'nog te vroeg is' om bijvoorbeeld VVD-fractievoorzitter Rutte te vragen als informateur op te treden. Volgens Lubbers is het beter nu eerst alles grondig in kaart te brengen en alle mogelijkheden te ontdekken.

Agenda

De informateur ontvangt donderdagmiddag 22 juli 2010 de fractievoorzitters van VVD, PvdA, PVV en GroenLinks.

Vrijdag 23 juli wil hij de zes andere fractievoorzitters ontvangen. De ontvangsten zijn in volgorde van grootte van de fracties en rekeninghoudend met beschikbaarheid.

Video persconferentie

Informateur Lubbers heeft op 22 juli 2010 een korte toelichting gegeven op zijn informatieopdracht.
  • Download deze video

  • Uitgeschreven tekst

    Informateur Lubbers:

    Ik heb voor me liggen de opdracht die ik gisteravond voor mijn rekening heb genomen. Daar begint mijn werk. Misschien goed om daar een korte toelichting op te geven. Het is zo dat de Koningin nadat ze het verslag van de vorige informateurs ontvangen had en natuurlijk met de vraag zat wat te doen, daarbij speelde - zo vertelde ze mij - de afweging of het goed zou zijn om nu weer eens te praten met alle fractievoorzitters over de nu ontstane situatie.

    Afwegend neigde zij tot de conclusie dat dat beter niet door haar kon gebeuren. Maar wel moest gebeuren. En daarom dacht ze daarvoor, dat te vragen aan een Minister van Staat. Er zijn meer Ministers van Staat, maar ik ben één van de mogelijkheden in ieder geval. Dat is een stukje redengeving van deze opdracht.

    We hebben daar over gesproken en het is duidelijk dat er ook sommigen zeiden, er wordt ook geschreven, is het niet handig om de Mark Rutte van de VVD te vragen om verantwoordelijkheid te nemen voor het proces, een opdracht of zo wat. Maar haar aanvankelijke conclusie was, daar is het te vroeg voor. Het is een waagstuk wat ik eigenlijk niet moet bevorderen. Zoiets kan altijd komen.

    Maar het is beter om nu eerst met alle fractievoorzitters nog eens te praten en de zaak grondig in kaart te brengen. En dat ziet u ook weergegeven in de opdracht. Daar is kennelijk - u leest dat allemaal - de geschiedenis beschreven. Die opdracht heeft dus de dimensie vanuit de geschiedenis door te werken, maar eigenlijk ook wel even een stapje terug te doen en alle mogelijkheden te onderzoeken. Om het simpel te zeggen. En daarvan dacht zij dat is dan wel een goed idee om deze minister van Staat te vragen. Zo is dat eigenlijk ontstaan.

    In die geschiedenis zitten natuurlijk de eerdere verslagen, ik zal er allemaal gebruik van maken, maar is daar niet toe beperkt, is toch meer open. Ik heb daar ja tegen gezegd. Niet alleen uit de referentie van het Staatshoofd, maar ook omdat ik het ermee eens was. En ik geloof ook dat de democratie vraagt dat nu grondig gesproken wordt met de fractievoorzitters.

    Er is natuurlijk ook iets ontstaan in het beeld bij de poging om Paars Plus te realiseren, dat sommige fractievoorzitters toch belangrijker zijn dan andere fractievoorzitters. Zoals ik hier zit, geldt dat voor mij niet. Natuurlijk, je houdt enigszins rekening met de omvang en de uitslag van de verkiezingen. En ik zal ook in beginsel als ik ga praten met alle fractievoorzitters die volgorde aanhouden. En alleen als er praktische omstandigheden zijn om dat een beetje te veranderen dan doen we het een beetje anders. Er is al een tijdschema, maar in beginsel zijn ze mij allemaal even lief. Dus ik ga daar stevig mee in gesprek. Dus dat is de bedoeling eigenlijk. Dat is eigenlijk in het kort het verhaal.

    Door deze opzet zijn dus andere mogelijkheden waar je aan zou kunnen denken, minder voor de hand liggen, dat is dus de wat meer rechtstreekse gang naar de heer Rutte en het doorgaan op het pad beschreven in het verslag van Herman Tjeenk Willink, de vicepresident van de Raad van State. Dus toch iemand die je niet te snel moet laten verslijten, dus ze had ook wel wat aarzeling om ook die richting weer meteen heen te gaan.

    En die twee omstandigheden tezamen leiden dus tot een minister van Staat. Dat ben ik dan geworden, zo simpel is het. Dus dit even als korte toelichting op gisteravond, op de opdracht zoals die er is. Dat verklaart dan ook mijn werkwijze. Want wat ga ik doen?

    Ik ga met die fractievoorzitters praten en ik hoop dat rondje al afgedaan te hebben voor het weekend. Ik hoop tijd te vinden om ook nog eens even wat nadere toelichting te krijgen van de informateurs die nu teruggetreden zijn. Kijken of dat ook nog lukt voor het weekend. En dan ga ik eens goed nadenken wat te doen. Dan kom ik ook bij het woord 'zeer korte termijn'. Dit wijst dus op werklust, snel doen, huppakee, twee dagen.

    Maar ik hou er rekening mee dat ik niet dan in dat weekend kan zeggen: nou, dat is helder wat ik allemaal hoor, ik schrijf dat op en geef het aan de Koningin. Dan is dat inderdaad op zeer korte termijn. Ik hou er rekening mee dat ik informatie vergaar in die gesprekken die mij er toe manen om door te boren, verder na te denken, in kaart te brengen hoe het er eigenlijk staat met die uitdaging om tot een regering in nieuwe samenstelling, een nieuw kabinet, te komen. Dan gaat het natuurlijk meer tijd kosten. Dus als u zegt: wat houdt dat dan in? Dat weet ik niet, want ik ga eerst goed luisteren, nadenken en dan kom ik daarop. Dan zien we verder. Ja, dat is eigenlijk wat ik kan zeggen, denk ik, als inleiding.